Op de eerste echt mooie dag met een zachte temperatuur wil je de hond uitlaten en meteen wat kleine boodschapjes halen in de stad. Je doet voor de zekerheid een jasje aan en neemt een nettasje mee waarin je je jasje kunt stoppen, als het toch te warm blijkt te zijn. Ook denk je eraan om naast je handtas met je telefoon, betaalkaart en je ID-kaart een extra tas mee te nemen voor je spullen. Vrolijk doe je de hond aan de riem en ga je wandelen. De vogels fluiten, het groen ontluikt aan alle kanten en je kunt je geluk niet op. Heerlijk om het voorjaar weer te voelen in al je cellen. Je doet bij enkele winkels je aankopen en bedenkt dat je je tassen nu echt even moet herschikken. Het is te warm. Je stopt je jas netjes in de tas en verdeelt de spullen gelijkmatig, zodat je in opperste balans met je hond de terugweg kunt beginnen. Tevreden over jezelf dat je die klusjes weer hebt geklaard, ben je bijna thuis. De hond doet zijn behoefte en je wil de poepzakjes uit je handtas halen. Terwijl je een seconde geleden nog met twee volle tassen en je hond door de straten liep te stralen, schrik je je helemaal wezenloos. Je handtas is namelijk nergens te bekennen. Onmiddellijk weet je waar die is. Hij staat bij de zelfscankassa. Je had hem daar neergezet toen je je draagtassen herschikte. Het zweet breekt je uit en je vermaant jezelf door te ademen. Je wordt namelijk duizelig van de tientallen gedachten die door je hoofd suizen. Over drie dagen ga je op vakantie en heb je je ID nodig. Ook je telefoon, huissleutel en betaalpassen zitten in die handtas. Je klampt de eerste de beste voorbijganger aan en vraagt of je de telefoon even mag gebruiken om je partner te bellen. Gelukkig is die thuis en hij kan met de fiets naar de winkel vliegen. Je loopt naar huis met de sleutel van je partner en belt met de vaste telefoon naar zijn mobiele nummer. Je staat grote angsten uit, want als de tas weg is, kun je fluiten naar je vakantie. Een klein wonder… de tas blijkt af te zijn gegeven bij de kassajuffrouw. Er zijn gelukkig nog veel goede mensen op deze aarde. Een zucht van opluchting gaat door je lijf, maar de hele dag zit de schrik nog in je benen. Pas twee dagen later is hij echt uit je lichaam vertrokken. Je beseft weer eens hoe snel je heerlijke gedagdroom om kan slaan naar complete paniek door er even niet met je hoofd bij te zijn. Soms kun je beter even bij de pakken neer gaan zitten om na te lopen of je compleet bent. Dat voorkomt dat je je identiteit opnieuw bij elkaar moet gaan sprokkelen en dat je in plaats van op een vliegtuigstoel, op zwart zaad moet gaan zitten.Â

