Op een grote paddenstoel

Vandaag is het een prachtige dag om het eens te hebben over de zogenaamde aardelementalen. Dit zijn aardgeesten die verbonden zijn met het element aarde. Denk aan gnomen en kobolden. Aardgeesten worden meestal voorgesteld als kleine mensachtige wezens die in wouden leven. Zij zijn sluw en stelen graag. Ze zetten vallen uit en laten reizigers verdwalen. Enkel als ze er zin in hebben, kunnen ze aardig zijn. Ze wonen meest in afgelegen streken en blinken uit in het smeden van metalen en in allerlei handwerken. Ze bezitten schatten, die zij in onderaardse holen verborgen houden en bewaken. Niet te verwarren met de vriendelijke kabouters die we allemaal kennen. Kabouters zijn huis- of bosgeesten. We kennen ze in de vorm van kitscherige tuinexemplaren, maar ook uit boeken. Wipneus en Pim, Puk en Muk, Pinkeltje en de kabouters van Rien Poortvliet zijn vertrouwde beelden geworden. Kabouters leven in bossen. De meesten gedragen zich vriendelijk tegenover mensen, maar soms hebben een plagerig kantje. Ze verstoppen bijvoorbeeld spullen of leggen ze op een andere plaats, zodat ze bijna onvindbaar zijn voor de eigenaar. Afhankelijk van de regio waar ze volgens de volksverhalen voorkomen, verschillen ze van uiterlijk en gedrag. Sommige dingen komen echter in alle kabouterculturen voor. Ze zijn klein en kunnen zich onzichtbaar maken  voor mensen. Als ze goed gemutst zijn, doen ze tegen een kleine vergoeding allerlei klusjes voor mensen. Als ze je echt mogen, blijven ze mogelijk je hele leven lang in de buurt. Mits je honkvast bent. Want kabouters zijn wel gehecht aan hun eigen stukje aarde. Hemel en aarde moeten bewogen worden om hen definitief te laten verkassen. Pas bij een slechte behandeling kunnen ze net als hun nichten en neven, de gnomen en kobolden, echt pestgedrag gaan vertonen. Kabouters hebben nog andere verre familie, te weten de dwergen. Dwergen zijn over het algemeen wat lomp en zeer materialistisch ingesteld. Ze wonen dieper onder de grond dan kabouters. Er zijn volkjes die nog dieper in de grond leven. Zij behoren niet meer tot de aardelementalen en zij vormen een ander hoofdstuk. Kortom, een vrij complex gebeuren, die aardvolkjes. Wellicht goed om eens na te gaan of je goed ‘de aard hebt’ in je huis en of dat je je spulletjes goed kunt vinden. Als het allebei ‘nee’ is, kan het zijn dat je jouw huis- en tuinkabouters niet goed hebt gestemd. Ook al is het niet de aard van jouw beestje; het wordt dan toch écht tijd dat je het zand uit je ogen poetst en wat aardiger wordt. Wie weet welk klein geluk je dan in je leven tegen gaat komen. En je weet; wie het kleine niet eert…