Je stapt over de drempel en komt in een oord terecht waar alles klopt. Het gebouw is perfect vormgegeven. Het heeft wat weg van een tempel. Overal is over nagedacht. Van de meest optimale lichtinval tot de minutieus verfijnde inrichting. Een paradijs gemaakt door mensenhanden. Je wordt ondergedompeld in pure pracht voor je ogen, sensuele sensaties voor je lijf, geriefelijke geuren voor je neus en kabbelende klanken voor je oren. Je gaat je bijna ongemakkelijk voelen door de ongebreidelde schoonheid en comfort waarin je terecht gekomen bent. Je wentelt je na je schroom overwonnen te hebben in de gewatteerde ervaring en probeert alles zoveel mogelijk in je op te nemen. Je houdt dit niet zo lang vol, want je raakt gek genoeg verveeld. Zou het gezegde “overdaad schaadt” hier opgaan? Ook al bestaat die uit niets anders dan zaligheid? Je zintuigen lijken op een bepaald moment verzadigd en wensen blijkbaar wat contrast. Je verlangt naar iets lelijks tussen het mooie of wat onwelriekends tussen de leliegeuren van de chique huisparfums. Een gemeen kneepje in je arm zou je opluchten na al die strelende lucht langs je lijf en leden. Een vals gezang tussen de harmonieuze harpklanken zou een verademing zijn. De meeste wat loom kijkende mensen lijken zich eeuwig in deze hemelse sferen te kunnen onderdompelen. Je wordt baldadig. Je gaat stiekem je eigen koolhydraatrijke lunch opeten in een kleedhokje en je gooit een hand zand in het spatzuivere mineraalbad. In gedachten verschuif je wat beelden uit het liniaalrechte rijtje en laat je keiharde rockmuziek uit de zacht tokkelende boxen komen. Je wordt kriebelig van het nette en perfecte. Je besluit wat te gaan rusten. Misschien ben je overprikkeld door al die volmaaktheid? Je bekijkt je eigen lichaam en vergelijkt het met de andere aanwezige lijven. Je beseft dat er esthetisch gezien niet veel van deugt. De verhoudingen zijn uit balans en je huid is ruw. Even voel je je een lelijk ding in die gebalsemde omgeving. Je vindt het wel amusant dat jij daar met al jouw imperfectie gewoon mag rondlopen. Misschien ben jij wel de stoorzender, waardoor die anderen nóg meer bewondering hebben voor de schoonheid en hun eigen gebronsde en gespierde lichamen. Meteen volgt het gevoel dat je tevreden bent met je gebrekkige lijf. Zonder implantaten, tatoeages en inspuitingen doet je lichaam het werk goed. De aanwezige Adonissen en Cleopatra’s lijken dan wel perfect, maar ze kunnen onderhuids best problemen hebben. Schijn bedriegt tenslotte. Je besluit je nog maar eens te wentelen in deze bovenaardse luxe en bedenkt: als ze me niet willen zien, sluiten ze hun ogen maar. Met een gerust gemoed doe je zonder al te veel verwachtingen je schoonheidsslaapje in een schitterende kristallen grot. Je droomt over je eigen schots en scheve, maar oergezellige luchtkasteel.

