Ik zie ik zie wat jij niet ziet en het is … Het is zo simpel gezegd en ook zo waar. We zien allemaal kleine stukjes van onze werkelijkheid. Ónze werkelijkheid, want dé werkelijkheid is te ingenieus. Als je dat beseft, ga je vanzelf anders om met meningen en visies van de mensen om je heen. Ieder heeft een hoogstpersoonlijk en uniek perspectief. Vanuit die hoek, die geboetseerd en beschilderd is met alle eerdere ervaringen die je hebt doorleefd, zie je een stukje van het complexe geheel. Als je een stapje naar rechts doet, zie je plots een heel andere lichtval, waardoor de kleuren veel intenser worden. Als je een stapje naar achteren zet, verschijnt er voor je neus een onbekend fenomeen. En zo verschuiven de panelen voortdurend. Hoe kun je dan ooit beschikken over zekerheid? De enige zekerheid die je hebt, is dat alles aan verandering onderhevig is en dat je waarneming daarvan uiterst gebrekkig is. Daarom is het van belang dat je bereid bent om de ander te gaan leren begrijpen. Zit ‘m de kneep in het feit dat je niet uit zou moeten gaan van je eigen gelijk ofwel de misvatting van de ander? Als je vanuit oprechte belangstellende nieuwsgierigheid gaat achterhalen wat maakt dat de ander zo’n vreemd idee over hetzelfde onderwerp heeft als jij, vraag je van nature goed door. Zodra je het naadje van de kous ziet verschijnen, kom je verrassende nieuwe dingen tegen en kun je tot je eigen verbazing ‘de wereld’ ineens ook vanuit andermans ogen bekijken. En dan kun je zeggen, “ik lijk in deze microseconde nagenoeg exact te zien wat jij ziet.” Dan gebeurt er iets bijzonders. Je begrijpt elkaar totaal. Er ontstaat een samensmeltende connectie en heel even ben je minder eenzaam. Want of je nu wilt of niet; we zijn hier allemaal eenlingen. Dat heeft onze schepper waarschijnlijk expres zo ontworpen. Met als opdracht de mensheid uit te dagen om te ontdekken wie ze in de kern is. Elkaars gelijken met andere bril? Als je de kunst verstaat om je echt met ‘het andere’ te verbinden, snap je op die kostbare momenten in welk spel je verwikkeld bent. Je weet dan ook dat het enig passende antwoord op “Ik zie ik zie wat jij niet ziet en het is…” ‘anders’ is, maar niet minder waar! Als je al die stukjes ‘andersheid’ samenvoegt, ontstaat er een multidimensionaal beeld. Dat tilt je naar het volgende level. Je was blij dat je de clou te pakken had, maar het spel met iets moeilijkere regels begint daar verdorie gewoon weer opnieuw. Voor je vermoeide doppen zoek je nieuwe lenzen voor het nodige contact. Je hoort daar continu; “ik zie, ik zie wat jij niet ziet” en vrolijk roep je: “Klopt!”! En ineens klaart alles op en alles staat stil. Je had geen gelijk; alles is gelijk…

