Hij of zei?

Het is tegenwoordig niet meer zo eenvoudig als vroeger. Je kunt niet meer vanzelfsprekend uitgaan van het feit dat een mens die gehuld is in een jurk een vrouw is. Of dat iemand die staand bij een urinoir de plas laat kletteren een persoon is die zich man voelt. De juffen en meesters van tegenwoordig hebben soms ook te maken met deze ontwikkeling. Volgens bepaalde stromingen mogen ze niet meer spreken over jongens en meisjes. Complexe materie. Hierover doordenkend ontstaat de vraag: is dit niet van alle tijden? Hoeveel mannen voelden zich in vroegere tijden meer vrouw en hoeveel vrouwen voelden zich meer man of ergens daar tussenin? Er werd niet over gesproken en men leefde in vaste patronen. Dus het bestond ogenschijnlijk niet. Is het grote verschil nu enkel dat het hier en daar meer naar buiten toe mag worden uitgedragen? Helaas is dat op veel plaatsen nog niet zonder gevaar. Als mens maken we ons geslacht ontzettend belangrijk. Veel is op basis daarvan zelfs georganiseerd. Is het tijd om zaken anders te gaan zien en ordenen? Mogen we bijvoorbeeld gaan spreken over één groep mensen die in een bepaalde hoedanigheid geboren worden en soms uit moeten vinden of ze er op zielsniveau vrede mee hebben? Zouden we het kunnen zien als een individueel mengpaneel waarbij gender één van de vele schuifknoppen is? Is dat niet volkomen uniek en privé? Mag je dan überhaupt iets van een ander vinden, bedenkend dat je jezelf vaak niet eens helemaal kunt doorgronden? Hoe gaat dat in de natuur? In de natuur lijkt het erop dat beestjes of planten elkaar niet veroordelen op aard en gedrag. Ze zijn en doen gewoon. Ze vliegen, kruipen, zwemmen en lopen waar ze willen. Niemand kijkt er raar van op. Ze zullen hoogstens stuiten op praktische obstakels. In de natuur komt vrouwelijkheid, mannelijkheid én tweeslachtigheid voor. Kan daarvan geleerd worden? Kijkend naar het voorbeeld van onze sanitaire inrichting: ook hiervoor biedt de natuur een uniforme oplossing. Het is de sloot, beek of rivier om het even wie er in het water sast. En daar hoeft de beek niet persé de naam Gender voor te hebben. Ook de hei zal het een zorg zijn of je met een lange of korte urinetrechter de bloeiende dopjes vol plenst. De hei houdt van zure grond, maar niet van azijnpissers. Laten we de frustratie, boosheid en schaamte vaarwel zeggen en elkaar met open blik de ruimte gunnen om ons van buiten te mogen laten zien, hoe we ons van binnen voelen. Over en weer met respect voor de ander. Dat is pas echte vrijheid.