Lief beestje

Sola, een harmonieus lieveheersbeestje, had eigenlijk liever in het lijfje van een vogel geboren willen worden. Ze hield zo van hun gezang, dat haar hart bij ieder tjilpje een sprongetje maakte en tegelijkertijd deed het een beetje pijn van verlangen. Ze wilde zelf ook zo graag dit schitterende geluid voort kunnen brengen. Ze oefende er iedere dag op door met haar binnenste vliesvleugels verschillende frequenties te trillen. Ze was een zevenstippelig lieveheersbeestje en voor iedere stip probeerde ze één toon te zoemen. Ze oefende dag in, dag uit, maar aan volume ontbrak het volledig. Op een dag ontdekte Sola dat er in haar buurt een bijzondere stengel stond. Hij had een uitgebloeide aar met een heel kunstzinnige vorm. De aar leek zowel op een vogelsnavel als op een plantaardige stemvork. Ze klom helemaal naar boven en belandde op de heerlijk zachte pluizen. Ze oefende haar dagelijkse toonladders en merkte dat de aar mee begon te resoneren met haar vibrerende vleugels. Als de wind precies de goede hoek had, kon ze zichzelf op die hoogte ook veel beter horen. De vorm van de aar bleek de akoestiek te verbeteren. Als een megafoon. Of kwam het doordat ze haar borstkas en vleugels zo ver mogelijk naar buiten zette? Ze was dolgelukkig. Ze kreeg een stroom van inspiratie. Ze begon de tonen van de ladder af te wisselen, waardoor er een aardig melodietje ontstond. Door zo te experimenteren en te variëren, werd ze licht in haar hoofd en had ze het gevoel dat ze in andere sferen raakte. De hoogte versterkte haar zintuigen. Haar vliesvleugels raakten sterk getraind en pasten door hun toegenomen dikte bijna niet meer onder de buitenste gestippelde dekschilden. Op een gegeven moment begonnen zelfs haar wat stijve dekschilden mee te trembleren. Zou ze dan toch nog een muzikaal talent kunnen worden? Niet fluitend, maar bevend? Nu ze op haar speciale aar de muziek in zichzelf had kunnen horen en ontdekken, verhief ze hem tot haar persoonlijke klankheiligdom. De blozende blijdschap en de trouwe training maakten haar dekschilden tot een extra paar vibrerende vleugels, zodat ze nog meer klank kon toevoegen.Heel even leken haar stipjes los te komen en herinnerden haar eraan om een staccato of een kleine verlenging in te voegen. En zo steeg het lieve beestje met steeds mooiere melodieën, dagelijks op naar haar zelfgecreëerde zevende hemel.